

Gedurende de verschillende ijstijden trok de oceaan zich terug en regenwater gemengd met kooldioxide sijpelde door het poreuze kalksteen. Hierdoor ontstonden kilometerslange stelsels van ondergrondse rivieren en grotten. Na de laatste ijstijd steeg het waterniveau en de grottenstelsels vulden zich met zoet water.
Op sommige plaatsen verzwakte de grond boven deze grotten en stortte in na verloop van tijd. Hierdoor zijn de beroemde cenotes ontstaan, die toegang bieden tot de grotten en ondergrondse rivieren. Er zijn honderden, zo niet duizenden cenotes op het schiereiland Yucatan, waarvan waarschijnlijk minder dan 10% zijn onderzocht. Men schat dat tot nu toe ongeveer 560 kilometer van het ondergrondse grottenstelsel tussen Playa del Carmen en Tulúm is verkend.
Kortgeleden nog, in 2006, hebben grotduikers in Yucatan de mogelijk langste ondergrondse rivier ter wereld ontdekt.
Deze waterweg verbindt twee grottenstelsels met elkaar en is minstens 154 kilometer lang en pas onlangs ondekt. Volgens de duikers, die de ondergrondse rivier op het schiereiland Yucatan nog geen naam hebben gegeven, stroomt de waterweg mogelijk zelfs verder naar nog 2 stelsels. Daardoor is zij misschien nog 200 km langer en zijn er misschien nog meer onondekte rivieren.
Voor de ontdekking in Mexico streden de ondergrondse rivieren Palawan op de Filipijnen en Son Trach in Vietnam om de eer de langste ter wereld te zijn.



De Maya's beschouwden de Cenotes als heilige plaatsen, met speciale goddelijke krachten. Omdat er stukken van zeer oude keramische voorwerpen en edelstenen zijn gevonden, denkt men dat er ceremoniële offers aan de goden werden gebracht.
