“Toen
nu de drie vrienden van Job hoorde van al het leed dat hen getroffen had,
kwam ieder van hen uit zijn woonplaats; de Temaniet Elifaz, de Suchiet Bildad
en de Naämatiet Sofar en zij kwamen volgens afspraak bij elkander om
hem te gaan beklagen en te troosten”.
Job,
hst. 2 v. 11

Gebroken
stonden we de volgende dag op en na ons vluchtig gewassen te hebben, kregen we een
Arabisch ontbijt voorgezet, bestaande uit dadels, vijgen en Arabisch brood,
verder thee en een schaal met water. Aan het eind van het ontbijt deed zich
nog een grappig incident voor, althans in mijn ogen.
Arabieren gebruiken zoals algemeen bekend,
alleen hun rechterhand bij de maaltijd, de onreine linkerhand is ten alle
tijde taboe.
Wij hielden ons allen uitstekend aan dit gebruik, totdat na het ontbijt
twee onzer in de schaal met water, welke uiteraard alleen dient om de vingers
van de reine rechterhand te reinigen, uitgebreid beide handen, eigenlijk
meer het Hollandse formaat kolenschoppen, tegelijkertijd in staken en begonnen
te wassen. Onze gastheer was uiteraard zo beleefd om niets te laten blijken,
maar Allah hoorde hem brommen.
Na de Emir uitvoerig te hebben bedankt voor de genoten gastvrijheid, gingen
we op zoek naar de politie. Deze bleek, nu we het bij daglicht zagen, gehuisvest
in één van de stationsgebouwen van de eens in bedrijf zijnde
Hyaz Railway. Deze Hyaz spoorlijn is gebouwd in de tijd van en gebruikt
door de legendarische Thomas Edward Lawrence, beter bekend als 'Lawrence
of Arabië'. Deze spoorlijn loopt van Damascus in Syrie, naar
Medina en is indertijd gebouwd voor het vervoer van moslim pelgrims naar
Mekka, maar is sinds de eerste wereldoorlog niet meer in gebruik. De meeste
rails en dwarsliggers zijn inmiddels verdwenen, maar op dit stationscomplex
zijn de gebouwen, behalve de werkplaats nog in prima staat. In de grote
vervallen werkplaats zijn nog een aantal wagons en zelfs een complete locomotief
te zien.


Een
aantal voormalige stationsgebouwen waarin het eens...
...zo trotse ijzeren paard, treurig staat weg te roesten.
uit: Panorama of Saudi Arabia, page 400
Nadat
de commandant onze papieren had gecontroleerd en we het ritueel van koffie
en thee drinken hadden afgewerkt, kregen we een gids toegewezen en konden
we het gebied gaan bezichtigen.
Medina Saleh is een 2.000 jaar oude Nebeotaanse vestiging en is strategisch
gelegen langs de oude karavaan route van de Arabische westkust tot in het
huidige Jemen.
Het was de Engelsman C.M. Doughty die het gebied eind 1800 herontdekte en
het beschreef in zijn boek ‘Travels in Arabia Deserta’. Hij was
het ook die rapporteerde over de treffende gelijkenis met de uit rots gehouwen
tempels en tombes in Petra, Jordanië.
Het gehele gebied, alsook het aangrenzende Al-Ula, is pas twee keer min of
meer serieus onderzocht, éénmaal in 1910 door twee Fransen Dominicaanse
priesters en éénmaal, maar dan meer wetenschappelijk, door een Londense
universiteit. Dit gehele gebied moet toch voor archeologen het ware Mekka
zijn.
“There is, in fact, further evidence
that Medina Saleh was a centre of attraction, because it was a centre of trade.
The last flicker of life in Medina Saleh cam with the Battle of the Elephant,
which must have occurred about 1.500 B.C.”
Er
is geen groter vermaak dan leedvermaak...
Medina
Saleh, een redelijke gelijkenis met de tempels in Petra, Jordanie.
Een
indruk van een tombe in een alleen staande rots.
Het
eerste wat mij opviel aan deze tempels en tombes, waren de strakke messcherpe
lijnen van pilaren en lijsten, alsof het pas een paar jaar geleden met moderne
machines gebouwd is.
Bijzonder jammer is het dat van de gebeeldhouwde arenden, welke zich boven
de ingangen bevinden, alle koppen verdwenen zijn. Misschien verwoest bij een
soort beeldenstorm tijdens het ontstaan van het moslim geloof, dat het afbeelden
van mensen en dieren verbiedt?
In sommige van de tombes zijn langs de wanden grote langwerpige rechthoekige uitsparingen
gehouwen, waarin de overleden werden begraven. De tombes zijn vaak naast elkaar
in de geel rode rots steen uitgehouwen en soms de hele rots rond. Door eeuwenlange
erosie, is de grond rondom een dergelijke rotspartij weg gesleten, waardoor
sommige ingangen van de tempels wel 3 meter boven het huidige grond niveau
zijn komen te liggen.
Door
de erosie meters diep weggesleten.
Na
dit, achteraf toch wel grappige incident en na de gids uitvoerig te hebben
bedankt voor zijn deskundige rondleiding, vertrokken we met fototoestellen
en de voor ons zo waardevolle foto’s, richting Rabigh. Hiervoor moesten
we een omweg maken langs Medina, omdat Medina evenals Mekka, verboden gebied
is voor niet moslims.
Het plan was om bij Rabigh, gelegen aan de Rode Zee, voor het avond eten nog
snel een verfrissend bad te nemen, maar we kwamen helaas weer in het donker
aan en konden niet het juiste pad naar zee vinden. We besloten toen maar een 'kamp' op te slaan en het de volgende dag nog eens te proberen.
We lieten ons het diner bestaande uit: soup – tinned vegatables and
fresh fruit goed smaken en kropen na de afwas direct weer in onze slaapzakken.
Gedurende
ons verblijf in Media Saleh werden we door een gids scherp in de gaten gehouden.
Bij het oprapen van een paar scherven, om deze beter te kunnen bekijken, werden
we bevolen deze ogenblikkelijk neer te leggen.
Fotograferen was geen probleem, alleen toen we op het punt stonden te vertrekken,
deed zich nog een pijnlijk incident voor. De Hyaz spoorlijn loopt dwars door
dit gebied en zoals gezegd waren de meeste rails en dwarsliggers verdwenen.
Aan de rand van Medina Saleh woont een Arabische familie en bij zijn huis
stonden een aantal dwarsliggers in het zand rechtop gestoken. Toen twee van ons foto’s
van dit bouwsel maakten, werden hun fototoestellen in beslag genomen.
We waren stom verbaasd over dit voorval, want het waren waarlijk geen staatsgeheimen
wat we fotografeerden. Verzoeken om een verklaring van het voorval en onze
plechtige beloften dat we zoiets nooit en te nimmer meer zouden doen, werden
door de taalbarrière blijkbaar niet begrepen.
Totdat Derrick op het idee kwam dat de man en zijn familie ook moesten
leven en er een aantal rialen van eigenaar verwisselden. Hieruit mag absoluut
niet de conclusie worden getrokken dat een ambtenaar van het 'Department
of Antiquities of Saoudi Arabië' gevoelig was voor steekpenningen,
maar de banknoten bleven op de vloer van zijn jeep achter, zoals het hoort,
als het slijk der aarde.

Het
waren toch waarlijk geen staatsgeheimen, deze slepers...
Het
gehele gebied beslaat verscheidene vierkanten kilometers. Ook hier was het
gebrek aan een vierwiel aangedreven auto duidelijk. Jan en Willem zagen nog een interessant plekje om te bezichtigen en dachten
hun auto wel met een aanloop door het mulle zand te kunnen ploegen. Helaas
moesten ze hun overmoed met de nodige zweetdruppels bekopen. Derrick staat, uiteraard in de schaduw, goedkeurend naar het graaf en sjouwwerk te kijken.
...en dan is het sjouwen geblazen.