
Eén van de eerste dingen die ik hier ook weer deed was een schommel maken voor de kinderen. Dat was in Curaçao een groot succes geweest dus dat zou hier ook zo maar weer kunnen en inderdaad, uren hebben ze er op doorgebracht. Zoals te zien is, was het hele huis, inclusief de slaapkamers, voorzien van airco's. Een groot deel van het jaar was het niet echt nodig en in de 'winter' kon je de airco's gebruiken als verwarming. Het gras was pas 'gepoot' en moest nog aanslaan en verder groeien om een gezond grasveld te worden.
Voor veel meisjes en ook moeders was één van de leukste en populairste aktiviteiten wel het meedoen, organiseren en aankleden van de majorettes. Het was toch wel al met al een flinke ploeg van zo´n 25 meiden. Veel moeders hebben er enorm veel tijd in gestoken, maar het resultaat was er ook naar. Ze traden op bij feestelijke gebeurtenissen. Tante Cokkie, geheel links op de foto, was één van de drijvende krachten van de majorettes en bij de majorettes bijzonder geliefd, maar ook andere dames van RB6 waren aktief bezig met en voor hun majorettes.

Ons huis werd gebouwd in het kader van de uitbreidings plannen van de nieuw te bouwen haven in Richards Bay. Er zouden als de haven gereed was mensen van de Port Authority in komen te wonen. De huizen waren vrijstaand, ruim van opzet en met een grote tuin rondom het huis.
Toen ons huis klaar was en wij er al in woonden, kwam er een groep locale vrouwen, een paar met een baby op hun rug, die onze en andere tuinen met gras kwamen beplanten. Dit was letterlijk planten, kleine stukjes van een hard soort kruipgras werden 1 voor 1 in de grond gepoot en besproeid. Wat ons onmogelijk voorkwam, bleek toch wel uit te komen. Na verloop van een paar weken was de hele tuin begroeid met het kruipgras. Regelmatig werd het gras voor ons gemaaid, heerlijk als tuinieren niet je hobby is.
Een leuk voorval op het werk was de bezwering van de Tokolos. Een Tokolos, Tokoloshe in het Zulu's, is een mythisch klein duiveltje waar veel Afrikaners echt in geloven. Liesbeth, onze hulp, zette haar bed op stenen zodat de Tokolos haar niet kon bereiken, wij begrepen dat dat een algemeen gebruik is/was. Als Liesbeth onze huis- kamer aan het schoonmaken was, sloeg ze altijd het gordijn om de Tokolos, zo kon hij haar niet zien, zei ze dan. Ze vond het maar niks dat wij zo'n Tokolos in huis hadden.
Op het werk reden tientallen trucks vanuit de Quarry bij Empangeni naar het werk v.v., dat ging de hele dag door, zes dagen in de week, vaak ook 's nachts. Regelmatig vlogen er wagens uit de bocht of gingen op andere onverklaarbare reden spontaan (volgens de chauffeurs dan) op hun kant. De chauffeurs hielden bij hoog en bij laag vol dat dat kwam door de aanwezigheid van een Tokolos. De transportmanager kwam op het briljante idee om een lokale medicijnman in te huren en in het bijzijn van alle chauffeurs, de Tokolos gunstig te stemmen en/of uit te drijven, het fijne weet ik er niet meer van. En, of de duivel er mee speelde, feit is dat het aantal ongelukken spectaculair afnam.




Alle schoolgaande kinderen, de kleuters uitgezonderd, waren verplicht om schoolkleding te dragen, de moeders vonden dat wel fijn, nooit meer gezeur wat ze vandaag aan moesten trekken. De school van de Nederlandse kinderen bestond uit een aantal lokalen in een bestaande Zuid Afrikaanse school. Er waren wel Nederlandse leerkrachten, maar een aantal klassen zaten toch wel bij elkaar. De regels die op die scholen gelden waren ook van toepassing op de Hollandse kinderen.
Dat hield in dat de jongelui die op een High School zaten en wat uitgehaald hadden door b.v. de Zuid-Afrikaanse klassenoudsten werden aangebracht bij een Zuid-Afrikaanse leraar en dan door deze met een liniaal op de binnenkant van de vlakke hand werden geslagen. Veel Nederlandse jongens streepten op de binnenkant van hun stropdassen de aantal keren aan dat ze waren geslagen. Deze stropdassen waren een soort status symbool geworden en kon je mooi laten zien hoeveel keer je al gestraft was, echt wel stoer! Ik denk dat veel van degenen die toen op school zaten deze dassen vandaag de dag nog hebben, als bizar aandenken.





